Werktekst
Bovenaan deelt één dikke lijn
hemel en zee.
Daarboven
drijft een kleine boot.
Onderaan staan
een laag huis met strodak
en een paard
met gebogen kop.
De wind is al voorbij.
Maar in de meegesleurde nerven,
het neergedrukte dak,
de gebogen rug,
blijft zijn herinnering.
Dat iets niet meer zichtbaar is,
betekent niet
dat de nerf is geheeld.
De wind verdwijnt.
Maar de plek
die hem verdroeg,
onthoudt lang.
Kerncontext
Byun Shi-Ji was een Koreaanse moderne en hedendaagse schilder die Jeju’s Fūdo niet als decor, maar als bestaansvoorwaarde schilderde. Eenzaamheid, wachten, wind en de kleur van droog gras vormen een glokaal Koreaans modernisme dat plaats en wereld met elkaar verbindt.
