Werktekst
De blauwe zee
is de zee
van jonge dagen.
Maar een zee
die lang heeft standgehouden,
verbleekt naar geel.
Zij droogt in de zon,
slijt in de wind,
en neemt zelfs
het verdriet van mensen
in zich op.
Zo wordt de zee
ten slotte
deze kleur.
Een kleur
die lang wenen heeft ontvangen
en uiteindelijk
is opgedroogd.
De zee wankelt.
De haenyeo
krimpt ineen.
De twee
staan niet los
van elkaar.
De zee
is de tranen
van de haenyeo.
Kerncontext
Byun Shi-Ji was een Koreaanse moderne en hedendaagse schilder die Jeju’s Fūdo niet als decor, maar als bestaansvoorwaarde schilderde. Eenzaamheid, wachten, wind en de kleur van droog gras vormen een glokaal Koreaans modernisme dat plaats en wereld met elkaar verbindt.
